Auditief digitaal (denken)

Met digitaal wordt bedoeld: innerlijke dialoog. Deze mensen spreken veel tegen zichzelf. Het verschil met auditief (horen) en digitaal (denken) zit vooral in de interne manier van waarnemen. Auditieve mensen horen vooral wat anderen tegen hen zeggen en wat ze zelf gezegd hebben. Auditief digitale personen voeren gesprekken met zichzelf over wat ze waarnemen en daarvan vinden. Dialoog bestaat vooral uit innerlijk commentaar geven over dat genen wat er gebeurt. Digitale personen maken gebruik van elementen uit andere systemen. Ze willen weten of dat gene wat ze waarnemen “logisch is”. Het is de "interne criticus".


Aan het taalgebruik kunnen je horen hoe iemand op een interne manier waarneemt. Elk zintuigsysteem heeft een voorkeur voor bepaalde woorden. Natuur zijn er ook mensen die geen voorkeur hebben voor een specifiek zintuigsysteem. Ook is het ene zintuigsysteem niet beter of slechter dan een ander zintuigsysteem.

Woorden die een auditief digitaal (denken) iemand veel gebruikt:

Herinneren, ontkennen, saai, rommelig, denken, logisch, proberen, belangrijk, logica, reflecteren, negeren, volgorde, rangschikken, stappenplan, langdradig, testen, van belang, iets snappen, leren, nadenken, rotzooi, naar jou idee, beredeneren, refereren aan, in je gedachten, zin hebben in, ongeconcentreerd, geen aandacht, structuur.


Hoe zit dat met de andere voorkeurssystemen?

Lees hier meer over visueel.

Lees hier meer over kinesthetisch.

Lees hier meer over auditief.